Laatste adem

Na de plaspauze floot de turbo een andere deun dan we kenden. Ik gokte op iets leks, en reed zo rustig mogelijk naar huis. Thuis koppelde ik de paardentrailer af. Mariska wandelde met de honden.

Ik wilde weten waar dat geluid vandaan kwam, en ik had juist iemand nodig die even een dot gas gaf. Wachten dus. De motor draaide nog, en ik staarde onder de motorkap naar wat buizen en slangen. Ik weet er veel te weinig van, bedacht ik me.

Op dat moment schoot het toerental van de motor van stationair naar stationair-tot-de-macht-tien. Ik schrok me een hoedje. Gauw in de bus gesprongen om de motor af te zetten. Een tel later zat ik in de auto met de sleutel in mijn hand, maar.. de motor loeide nog als een straalvliegtuig. De uitlaat spoot witte rook als een brandweerslang water. Ik voorzag dat de motor zou ontploffen, en dat-ie in stukjes door het dashboard heen afscheid kwam nemen.

Tijd voor paniek, vond ik.

Ik vloog de bus uit, klapte de motorkap dicht en vluchtte naar een paar meter verderop. Daar zag ik in dat het helemaal geen tijd was voor paniek, maar voor een goed idee! Ik sprintte terug de bus in, koos een hoge versnelling en liet de koppeling los.

Stilte. Een oorverdovende stilte.

Mja, er klapperde nog wat, maar dat bleken mijn knieĆ«n. Mariska stond inmiddels met grote ogen naast me. “Wat deed je nou?”, vroeg ze.

(..)

Toen de rook achter de bus was verdwenen daalde het besef in dat het haar laatste adem was die we door de weilanden nakeken. De laatste adem na een zelfgekozen einde.