Hoogslaper

Zoon Han heeft een hoogslaper, en iedere avond slinger ik hem erin. Prachtig! Dikke pret! Op een gegeven moment houdt zoiets op, natuurlijk. De vraag hoe dat zal gaan intrigeert mij al tijden. Dat is een eigenaardigheid van me, maar dat terzijde.

Waar het om gaat is dat ik met mezelf heb afgesproken dat dit in bed slingeren gaat stoppen omdat Han er genoeg van heeft, en niet omdat Han voor mij te zwaar wordt. Dat leek me ook goed waar te maken. Immers – als ik dat nu iedere avond doe, dan kan hij toch niet van het ene op het andere moment te zwaar zijn? Dat moet toch goed blijven gaan?

Vandaag heb ik geleerd dat het universum ook hierin voorzien heeft: De afgelopen weken moest Han, vanwege mijn gescheurde tussenwervelschijf, zelf klimmen. Hij vroeg het iedere avond, maar pas vanavond durfde ik het weer aan. Het ging. Moeizaam. Geen pijn, maar Han voelde zwaar. Ik zal voortaan een tandje bij moeten zetten. Dat ga ik doen, en desnoods zet ik straks ook zijn melktandjes bij.

Maar ik besef dat ik met mijn halsstarrigheid het over me afroep dat ik over een tijdje een pluisje van de vloer oppak, waarna ik maanden gestrekt lig. Hernia. Na mijn herstel zal dan blijken dat Han voor mij te zwaar geworden is. Een groot verdriet. Wat zeg ik dan tegen Han? Dat z’n stoere papa toch een slappeling is? Een watje?

Natuurlijk niet – eerlijkheid duurt immers het langst.

Het is omdat mama niet goed gestofzuigd heeft!